Posts tonen met het label ict. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ict. Alle posts tonen

dinsdag 6 maart 2012

SITE2012: Panel on the EDUsummIT

Gerald, Joke, Mike en Paul
Vanmiddag ben ik aanwezig bij het panel over de EDUsummIT met Joke Voogt, Gerald Knezek, Paul Resta en Michael Searson. De titel van het panel is "Building a global community of policy-makers, researchers, and teachers to move education systems into the digital age: the EDUsummIT 2011 Report".

Het werk aan de EDUsummIT begon ongeveer in 2005 en leverde verschillende dingen op: een call to action van de EDUsummIT 2009, een rapport van de EDUsummIT 2011, maar ook het International Handbook of Information Technology in Primary and Secondary Education. Ongeveer 70 personen zijn betrokken bij de EDUsummIT, ook uit Nederland, waaronder Joke Voogt, Tjeerd Plomp en Jef Moonen vanuit de Universiteit Twente en Alfons ten Brummelhuis vanuit Kennisnet.

Het doel van de summit in 2011 was "to build a global community of policy-makers, researchers, and teachers to move education into the digital age". Daarbij spraken ze onder andere over 21st century skills, informeel leren, de manier waarop studenten leren met technologie ervaren en onderzoek dat nodig is om aan de ene kant te weten wat er op dit moment gebeurt en wat daarvan de effecten zijn, maar ook om ict in het onderwijs weer een stap verder te krijgen.

Als je kijkt naar de opbrengsten, zowel het handboek, de call to action en de resultaten van 2011 dan is er veel werk verzet door deze groep. Wat ik mij wel afvraag is hoe dit werk bekend wordt gemaakt bij anderen en hoe er voor gezorgd wordt dat anderen hier ook bij betrokken raken of hoe zij aan de slag kunnen met die dingen die uit de EDUsummIT komen. Een conferentie is natuurlijk de beste plaats om zo'n vraag te stellen ;-). Het antwoord is (natuurlijk) dat je hier zelf mee aan de gang kan gaan op basis van de resultaten. En op zich geven de resultaten ook wel handvatten om er mee aan de slag te gaan, maar of je dat als individuele onderzoeker/lerarenopleider/docent gaat doen vraag ik me af. Misschien zouden we in Nederland een groep moeten hebben die initiatieven op dit gebied uitzet? Daarnaast is UNESCO heel actief en probeert ook binnen verschillende landen dingen te bereiken en te ondersteunen. Op het Education deel van de website van UNESCO is hier informatie over te vinden.

Waarschijnlijk zal er in 2013 weer een EDUsummIT plaatsvinden om er voor te zorgen dat deze ontwikkelingen doorgezet worden.

maandag 5 maart 2012

SITE2012: TPACK in Austin (Texas)


dit bericht is ook te lezen via de TPACK weblog

Morgen begint het weer: de jaarlijkse SITE conferentie! De afgelopen 2 jaar ben ik op deze conferentie geweest en ook dit jaar hoop ik weer veel nieuws te horen over ict-integratie en TPACK. De voorbereidingen voor mijn eigen presentaties zijn getroffen en het programma voor de komende dagen is doorgespit, het beloofd een mooie week te worden. Morgen wordt in ieder geval meteen een drukke dag. We beginnen vroeg (7.30 uur) met een bijeenkomst van de Special Interest Group (SIG) van Digital Games & Simulations. Daarna volgt de Keynote presentatie door James Bower van de University of Texas San Antonio met de titel "Primates Play Together, Primates Learn Through Playing Together, Why Haven't Teachers And Their Students Been Playing Together?".

Na de keynote presentatie zijn wij aan de beurt met een symposium over TPACK: "Developing TPACK around the world: Probing the framework even as we apply it". Tijdens dit symposium zullen een aantal van onze eigen PhD studenten een presentatie geven over hun TPACK-onderzoek, zal Denise Schmidt een presentatie geven over haar TPACK-onderzoek naar aanleiding van de TPACK Survey en presenteert Joke Voogt ons onderzoek over onze zoektocht naar het beter begrijpen van het TPACK model en de achterliggende ideeën. Tot slot zal Punya Mishra het symposium afronden met een korte reflectie.

Morgenmiddag ben ik een van de panelleden van het panel "Next generation learning challenges EduCause Winners Panel", waar ik iets mag zeggen over onze ervaringen met simSchool. Parallel daaraan zal Maaike Heitink haar onderzoek presenteren met de titel "Learning literacy and content through video activities in primary education".

Naast deze presentaties waar ik zelf actief in ben hoop ik nog presentaties rondom digital fabrication en iPads in het onderwijs te gaan zien. Oftewel... een drukke dag! Ook de dagen die nog volgen zitten vol interessante onderwerpen en presentaties/roundtables die wij vanuit Nederland verzorgen. Op mijn TPACK weblog zal ik proberen om iets te schrijven over alle TPACK-gerelateerde presentaties die ik bijwoon of verzorg. De presentaties die niet direct of indirect te maken hebben met TPACK zal ik hier beschrijven.

donderdag 23 juni 2011

Een oud proefschrift...

In 2001 mocht ik mijn proefschrift "Using information and communication technology: a process of change in higher education" verdedigen. De aanleiding van mijn onderzoek was het feit dat de omgeving van universiteiten altijd onderhevig is aan constante veranderingen. Deze veranderingen hebben onder andere te maken met het groeiende bewustwording dat ICT een bijdrage kan leveren aan het inspelen op deze veranderingen. Gebaseerd op die ideeën werd de volgende onderzoeksvraag voor dit onderzoek geformuleerd: “(a) Welke factoren hebben een effect op veranderingsprocessen in universiteiten met betrekking tot het implementeren van een nieuwe vorm van ICT in het onderwijs en (b) welk effect heeft de keuze voor deze vorm van ICT op de implementatie ervan in het onderwijs van de faculteiten?”.

Het is "oud" onderzoek. 10 jaar is natuurlijk bijna 100 jaar als het om ict gaat. En toch.. als ik hier in Michigan luister waar de PhD studenten onderzoek naar doen, dan zijn er toch een heel aantal die iets vergelijkbaars aan het onderzoeken zijn. Uiteraard met een focus op nieuwere ict-mogelijkheden, maar toch.. Doordat zij vroegen of mijn proefschrift digitaal beschikbaar is keek ik even of de link daarnaar toe nog steeds werkt (ja) en zag toen dat het ook nog steeds gedownload wordt! Wat leuk! :-)


donderdag 9 juni 2011

EDUsummIT

Gisteren, vandaag en morgen (8-10 juni 2011) wordt op het hoofdkwartier van UNESCO in Parijs voor de 2e keer de EDUsummIT gehouden, de internationale top over ICT in het onderwijs. Aan de hand van het thema ‘Building a Global Community of Policy-Makers, Educators and Researchers to Move Education into the Digital Age’ bespreken 120 onderzoekers, beleidsmakers en onderwijsprofessionals uit vijf continenten de internationale agenda voor ICT in het onderwijs. Mijn collega Joke Voogt is medeoprichter en voorzitter van de EDUsummIT.

De EDUsummIT is een follow up van het mede door Joke geredigeerde International Handbook of Information Technology in Primary en Secondary Education (Springer, 2008) en heeft tot doel om de wisselwerking tussen onderzoek, beleid en praktijk op het terrein van ICT in het onderwijs te bevorderen. De eerste EDUsummIT (2009, Den Haag) resulteerde in een Call to Action die invloed heeft gehad op het National Educational Technology Plan van de VS.

Als je de EDusummit wil volgen dan kan dat via Twitter (#edusum11) en op verschillende blogs waar de tag "EduSummit2011" gebruikt zal worden.

donderdag 28 april 2011

Studiedag ICT integratie in de lerarenopleiding (4)

Tot slot van deze studiedag in Gent over ict-integratie in de lerarenopleiding (en alles in 1 ochtend!) een debat over de vraag "Hoe leiden we toekomstige leraren op? Wat is de plaats van ICT in dat leerproces?"

Aan de hand van stellingen rond visie, beleid, implementatie, didactiek en technologie wordt het debat gevoerd. De panelleden zijn Marc Hermans (PHL), Jan De Craemer (Ministerie van Onderwijs), Ivan D’haese (Hogeschool Gent), Chris Bicler (K.U.Leuven), Ilse Depré (BibNet) en Fernand Mesdom (HUBrussel), met als moderator: Bregt Henkens (AVL- K.U.Leuven).

De eerste discussie gaat over de vraag of je in plaats van een focus op ict gebruik in de klas zou moeten focussen op het onderwijs in het algemeen. Daar wordt al direct op gereageerd dat dit niet goed zou zijn, omdat je dan alle leraren die al iets doen met ict in het onderwijs negeert. Wel zou er volgens de panelleden meer aandacht besteed moeten worden aan voorbeelden van zinvol ict gebruik. Daarbij wordt ook direct opgemerkt dat scholen zich er wel veel meer bewust van moeten zijn dat ze vrij zijn om hun onderwijs anders in te richten, andere didactische werkvormen kunnen gebruiken en daar zinvol ict bij gebruiken. Net als dat er niet vast staat dat je van 9 tot 10 Engels geeft en van 10 tot 11 wiskunde staat er ook niet vast op welke manier je les geeft en welke media je daarbij gebruikt. Aan de andere kant wordt opgemerkt dat wij als "ict-aanhangers" ons er ook van bewust moeten zijn dat scholen ook andere uitdagingen hebben dan alleen ict. Dat zou volgens een van de panelleden betekenen dat ict niet de focus moet zijn in discussies, maar het onderwijs zelf en daarbij dan nadenken waar je ict wel en niet zinvol kan inzetten. Toch wordt ook aangegeven dat leraren net zo makkelijk met een krijtbord als met een digibord moeten kunnen werken.

Een van de andere discussies gaat over of je de losse ict-vakken (vaak gericht op specifieke vaardigheden) moet integreren in de andere vakken van de lerarenopleiding of niet. De valkuil van geïntegreerd werken is dat je veel herhaling in verschillende vakken krijgt. Om dit te voorkomen moet je dus als team afstemmen wat je in welk vak doet op welk moment. Het grootste discussiepunt in eigenlijk op welk moment in de lerarenopleiding je de algmene ict-vakken zou moeten integreren met vakinhoudelijke of didactische vakken. Opgemerkt wordt dat de instroom van studenten erg verschilt en dat veel van de instromende studenten toch nog niet de juiste basisvaardigheden hebben. Daar moet dan toch aan gewerkt worden. Wat nu op veel plekken gebeurt is dat er in het eerste jaar van de lerarenopleiding toch een aantal lossen ict-vakken zijn, maar dat ict in jaar 2 en 3 (Vlaanderen kent een 3-jarige lerarenopleiding) geïntegreerd wordt met andere vakken.

Dit blijft een interessant punt. In de TPACK-literatuur lees je over het algemeen dat je vanaf jaar 1 moet zorgen dat ict geintegreerd is in de andere vakken en dat je dan "al doende" ict-vaardigheden opdoet. De vraag voor mij is of dit dan toch niet zo is en dat we inderdaad eerst moeten werken aan basisvaardigheden, of dat we te bang zijn en teveel controle willen houden waardoor we het niet eens proberen te integreren in de andere vakken.

Als ik kijk naar het eerstejaars vak dat ik zelf verzorg bij Onderwijskunde (klik eens op die link! leuke nieuwe site!) denk ik dat we toch wel losgekomen zijn van het apart oefenen van vaardigheden. Ja, mijn studenten moeten zeker leren hoe je een video maakt, hoe je een website zo vormgeeft dat het "onderwijskundig verantwoord" is, maar ze leren die vaardigheden altijd in een specifieke context. Het leren hoe je een video maakt doen we bijvoorbeeld door de studenten aan de slag te laten gaan met het schrijven van een scenario en een script voor een instructiefilmpje, waarna ze ook daadwerkelijk de video opnemen, monteren en presenteren. Een geintegreerde aanpak dus wat mij betreft. Maar.. ik moet ook wel eerlijk toegeven dat bepaalde andere basisvaardigheden inderdaad missen.. en dan heb ik het over relatief simpele vaardigheden als het gebruik van een inhoudsopgave in Word, het uitlijnen van een tekst (vaak nog met spaties in plaats van de opties in het programma te gebruiken), etc. Maar ook daar geldt: bij het schrijven van het verslag voor mijn vak laten we ze zien hoe dat soort dingen moeten en wordt het dus vanzelf een onderdeel van het grotere geheel.

Maar misschien zie ik het te simpel?

Studiedag ICT integratie in de lerarenopleiding (3)

Het derde onderdeel van de Studiedag in Gent rondom de integratie van ICT in de lerarenopleiding werd verzorgd door Jo Tondeur van de Universiteit Gent. De titel van zijn presentatie was "Toekomstige leraren en ICT: van TK naar TPACK". Jo rapporteerde daarbij over zijn eigen promotieonderzoek en over het TPACK onderzoek dat wij op dit moment uitvoeren. De vraag die centraal stond was "Op welke wijze worden toekomstige leraren voorbereid om ICT op een adequate wijze in te schakelen in hun onderwijspraktijk?". Jo geeft aan dat uit zijn promotieonderzoek (2006) al bleek dat leraren computers met name gebruiken ter ondersteuning van het onderwijs (voorbereiding, administratie), maar minder in het onderwijs zelf. Het TPACK model zou kunnen helpen om na te denken over hoe je media/ict kan gebruiken en integreren in je onderwijs.

Met het TPACK model in gedachte wordt een onderzoek onder drie lerarenopleidingen gepresenteerd. De eerste hogeschool uit het onderzoek wilde T integreren in P en C, maar dat is tot op heden nog niet gelukt, waardoor het een "PCK-opleiding" is. Dat mag je vast niet zo stellen, maar het gaat even om het verschil met de andere hogescholen. De tweede hogeschool wilde T namelijk ook integreren met P en C, maar heeft dat uiteindelijk vooral gedaan bij de C, dus vakinhoud werd gekoppeld aan technologie. De studenten van die opleiding kunnen bijvoorbeeld heel goed een digitaal verhaal maken, maar weten niet hoe je dat precies in de klas moet gebruiken, een "TCK-opleiding" dus. Bij de derde hogeschool werd een nieuwe module gestart over educatief gebruik van ict, waarbij de T met name gekoppeld werd aan de P, een "TPK-opleiding" dus.

Het is natuurlijk veel te kort door de bocht om de opleidingen op die manier te typeren, maar voor alle drie de hogescholen geldt dat het lastig is om tot TPACK te komen, terwijl ze zich dat wel alledrie hadden voorgenomen. De vraag is natuurlijk hoe dat komt. Jo probeert een eerste antwoord te vinden door te kijken naar het Vier in Balans model van Kennisnet. Als je dit model naast de hogescholen legt, dan blijkt dat de onderzochte hogescholen allemaal een duidelijke visie hebben (ict-integratie bereiken) en dat ze ook wel een strategie hebben om daarmee aan de slag te gaan, maar wat ook blijkt is dat de visie nog niet gedragen wordt door alle lerarenopleiders. Ook de deskundigheid (kennis, vaardigheden en attitude) verschilt tussen de opleiders en de studenten hebben vaak niet het gevoel dat zij de opleiders kunnen zien als rolmodel. En alhowel er veel hard- en software aanwezig is, is die niet altijd beschikbaar indien nodig (bijvoorbeeld alleen in 1 specifiek lokaal).

Tot slot presenteert Jo wat eerste ideeen uit een literatuur review die we op dit moment aan het beschrijven zijn. Ook deze review levert een aantal aanknopingspunten op waar je rekening mee moet houden als je in een lerarenopleiding een volgende stap wilt zetten op het gebied van ict-integratie. Een eerste model dat we maakten op basis van de literatuur ziet er zo uit:

Uit de literatuur blijk dat het van belang is dat leraren in opleiding de mogelijkheid krijgen om samen te werken aan ict-gebruik in het onderwijs, waarbij ze werken aan authentieke opdrachten. Om dit te kunnen doen hebben zij op het niveau van de lerarenopleiders rolmodellen en feedback nodig en moeten zij ondersteuning krijgen bij het ontwerpen van onderwijs. Ook op het niveau van de instelling moeten een aantal zaken geregeld zijn. Uiteraard moet er toegang zijn tot ict en de nodige bronnen, maar de instelling moet ook zorgen voor staff development en er moet leiderschap aanwezig zijn op het gebied van ict-intgratie. Om uiteindelijk ict echt op een lerarenopleiding te integreren moet je systematisch aan de slag gaan om niet alleen kleine pilots uit te voeren, maar om ook te komen tot grootschalige implementatie en uiteindelijk hopelijk institutionalisering van ict in het onderwijs.. maar dat is nog een flinke stap. Meer informatie over dit model en de acherliggende literature review hoop ik binnenkort te kunnen presenteren op de TPACKblog.

Studiedag ICT integratie in de lerarenopleiding (2)

Tijdens het tweede deel van de Studiedag in Gent rondom ICT integratie in de lerarenopleiding werden drie praktijkvoorbeelden gepresenteerd.

Het eerste praktijkvoorbeeld heet "Goesting", gepresenteerd door Mitzy Van den Eynde van de Leuvense Hogeschool Groep T. Goesting is een mooi Vlaams woord en betekent zoiets als ergens zin in hebben. Bij het project Goesting gaat het om multimediale geletterdheid, creativiteit en talentontwikkeling. Creativiteit en talentontwikkeling heb je volgens de spreker nodig om alledaagse problemen op te kunnen lossen en creativiteit is even belangrijk als cognitieve aspecten (daarbij verwees de spreker naar het verhaal van Ken Robinson). Goesting is een project bij de 2e en 3e jaars leraren in opleiding rondom de kunstvakken. Centraal staat de vraag: Wat geeft jou nu “goesting” om met kunst aan de slag te gaan? De studenten moesten daar antwoord op geven, waarbij zij hun uitleg moesten geven aan een groep bejaarden en waarbij zij ook voorbeelden moeten laten zien. Van het resultaat is een video gemaakt. Op deze manier werken studenten aan kunst en aan multimediale geletterdheid. Studenten moeten daar wel in begeleid worden. De docenten moeten daarbij niet alleen begeleiden op het gebied van de kunstvakken, maar moeten ook weten hoe je talentontwikkeling stimuleerd en hoe je nieuwe media kan gebruiken om verslag te doen van jouw "goesting" in kunst. De spreker geeft tot slot aan dat je dit soort dingen niet alleen bij de kunstvakken kan doen, maar dat je nieuwe media ook in kan zetten bij het maken van een creatief verslag over iets of bijvoorbeeld bij het schrijven van een voorstel voor een evenement (in plaats van een "saai" tekstdocument kan je ook in beelden laten zien wat je wilt organiseren).

Het tweede praktijkvoorbeeld werd gepresenteerd door Stephen Hargreaves van de Antwerpse Hogeschool Artesis, waar hij bezig is met een leerlijn Engels. Dit taalonderwijs wordt op 3 manieren vormgegeven: "Focus on form", waarbij de student individueel achter de computer zit om dingen te oefenen, "Self-sustained learning", waarbij in kleine groepjes samengewerkt wordt met behulp van het webquest format en "Communitative Language Teaching", waarbij je met een grotere groep en de docent aan de slag. Studenten komen met alle drie de vormen in aanraking, waarbij dit een mogelijk scenario is:

Dit scenario is ook uitgeprobeerd en de studenten weren achteraf geïnterviewd. Zij gaven aan dat het een intensieve manier van werken is, maar dat het wel wat oplevert: ze zijn intensiever en actiever bezig met de engelse taal en presteren daardoor beter. Ook vinden ze de verschillende didactische werkvormen en de afwisseling daarvan prettig, zelfs “fun”. Over dit project is ook een publicatie verschenen.

Het derde praktijkvoorbeeld werd gepresenteerd door Stephanie Van Marcke van het VIVO (Centrum voor Volwassenenonderwijs) in Kortrijk met de mooie titel "Een deontologisch probleem van het lerarenambt". Deontologisch.. ik heb het opgezocht.. volgens Wikipedia betekent deontologie "plichtenleer" en is deontologie onderdeel van veel opleidingen. Tijdens de lessen deontologie komen onder meer beroepsgeheim en privacy, zorgvuldigheid bij handelen en advies, informatieplicht tegenover ouders, en zwijgplicht en zwijgrecht aan de orde.
Deontologie is bij het VIVO een onderdeel binnen de module “leerkracht en verantwoordelijkheden” die gevolgd wordt door cursisten die werken-opleiding-gezin combineren. Voorheen liepen cursisten niet warm voor dit onderdeel en ook de opleider kreeg weinig voldoening. Daarom werd er een nieuwe opzet bedacht. De cursisten moeten in groepjes van 4 een casus bestuderen die te maken heeft met een of meer deontologische aspecten van het leraarvak (zie foto).

De cursisten werken op afstand samen aan het gekozen onderwerp en moeten daarover als eindproduct iets opleveren, bijvoorbeeld een blog, filmpje of wiki. Met deze nieuwe opzet van het vak wordt samenwerkend leren gestimuleerd en de ict-vaardigheden van de cursisten werden ontwikkeld (nieuwe toepassingen leren kennen en gebruiken).

Tot zover de praktijkvoorbeelden. Met een aantal mensen hadden we het achteraf over dit soort praktijkvoorbeelden waarbij de vraag gesteld werd of dit nu allemaal erg vernieuwend of spectaculair is. Nee, dat misschien niet, maar het zijn wel voorbeelden die in de praktijk werken. En van dat soort voorbeelden zijn er tot nu toe nog (te) weinig te vinden!

Studiedag ICT integratie in de lerarenopleiding (1)

Op woensdag 27 april was ik in Gent aanwezig bij een studiedag rondom ICT integratie in de lerarenopleiding, georganiseerd door het Regionaal Expertisenetwerk Vlaanderen. Deze studiedag werd op 6 verschillende lokaties gehouden (Brussel, Geel, Gent, Hasselt, Leuven en Sint-Niklaas ) die via videoconferentie met elkaar verbonden waren.

De dag was bedoeld voor lerarenopleiders en beleidsmedewerkers van lerarenopleidingen, maar ook leerkrachten uit het basis en secundair onderwijs waren welkom. De bedoeling van de studiedag was om goede praktijkvoorbeelden uit de lerarenopleiding te laten zien wat betreft de integratie van ICT in het leerproces van toekomstige leraren.

De dag werd geopend door dr. Bregt Henkens, coordinator AVL K.U.Leuven, waarbij gezegd werd dat jongeren veel gebruik maken van social media, maar dat het gebruik daarvan in de klas nog achter blijft. Dit bleekt uit het rapport Simpel als krijt van de Hogeschool West Vlaanderen. Ook werd geconstateerd dat er in de lerarenopleiding ook te weinig aandacht besteed wordt aan innovatieve media. Maar er zijn ook positieve tendensen: steeds meer lerarenopleidingen gebruiken ict en een aantal daarvan worden vandaag gepresenteerd.

Voordat deze voorbeelden aan bod komen kreeg prof. Jan Elen, voorzitter van REN-Vlaanderen, het woord. Helaas misten we het begin van zijn verhaal omdat er even geen audio doorkwam, maar het tweede deel van zijn verhaal was zeker interessant: Jan Elen gaf aan dat we uit onderzoek weten dat het gedrag van leerkrachten wordt gestuurd door de opvattingen die zij hebben over onderwijs. Tijdens een onderzoek onder 1e en 3e jaars docenten in opleiding moesten de studenten een tekening maken over onderwijs. Uit die tekeningen bleek al meteen dat daar bijna geen ict in voor kwam. Slechts 1 van de 25 studenten tekende een computer, maar gaf daarbij aan dat de leraar altijd de informatie die kinderen vinden via die computer moet filteren. 3 studenten tekenden een digibord, maar gaven daarbij aan dat het krijtbord absoluut niet mag verdwijnen. 
De overige tekeningen laten vooral een traditioneel beeld van onderwijs zien en de uiteindelijke boodschap van dit verhaal was dat als je wilt dat leraren in opleiding iets met ict in het onderwijs gaan doen, dat je dat iets moet doen aan de opvattingen van de studenten over onderwijs.


Dat dit ook mogelijk is bleek uit de praktijkvoorbeelden die ik in het volgende bericht zal beschrijven.

zondag 6 maart 2011

SITE2011: De voorbereidingen

Het regent in Nashville.. Jammer, maar het komt eigenlijk ook wel goed uit. Geen verleiding om de omgeving te gaan bekijken, maar druk aan het werk om mijn presentaties (verder) voor te bereiden. Bij alledrie de presentaties komen eigenlijk dezelfde 2 vragen naar voren: wat moeten leraren doen, hebben en kunnen om ict in het onderwijs te gaan gebruiken en wat kunnen wij als onderzoekers of ondersteuners doen om de leraren daarbij te helpen? En natuurlijk moeten we eerst op de eerste vraag een goed antwoord hebben om een antwoord te kunnen geven op de tweede vraag.

Maar wat moeten leraren doen, hebben en/of kunnen om ict in het onderwijs te gaan gebruiken? Elke keer denken we het antwoord te hebben, maar aan de andere kant zijn we eigenlijk nog steeds niet tevreden over de mate waarin er ict in het onderwijs gebruikt wordt. Echt gebruikt wordt, geintegreerd in de dagelijkse praktijk.

Het is te makkelijk om te zeggen dat alle leraren TPACK moeten hebben en dat het dan wel goed komt. Ja, leraren moeten iets weten over de inhoud van het vak, over de didactische aanpak die ze kunnen kiezen en over de manier waarop ict het geheel kan ondersteunen en ze moeten ook iets weten over de onderlinge samenhang tussen inhoud, didactiek en ict. Maar daarmee zijn we er natuurlijk nog niet. Iets weten betekent nog niet dat je het gaat doen.

Maar waar zit het 'm dan wel in? In houding/attitude ten aanzien van ict in het onderwijs? Misschien wel. Als je ict interessant of leuk vindt zul je eerder geneigd zijn om er iets mee te doen. Maar ik denk dat alleen een positieve houding ook niet genoeg is. Wellicht geven Gerald Knezek en Rhonda Christensen een (deel van het) antwoord met hun WST model. WST staat voor Will Skill Tool: de wil om ict te gebruiken, de vaardigheid om ict te gebruiken en de toegang tot  of beschikbaar heid van ict hulpmiddelen. Deze 3 factoren bepalen volgens hen de kans dat ict geïntegreerd gebruikt gaat worden in het onderwijs. Ook zij combineren dus houding en kennis/vaardigheden en geven daarbij aan dat een leraar natuurlijk ook wel over de juiste ict moet beschikken.

En dan denk ik dat er nog een ingredient toegevoegd moet worden.. het vertrouwen dat je het ook echt in de praktijk kan toepassen. Wij noemen dat sinds een jaar of twee het "gevoel van bekwaamheid". In het Engels gebruiken ze daar de mooie term "self-efficacy" voor, een term die ooit door Albert Bandura (1977) omschreven werd als het vertrouwen dat een individu in zichzelf heeft om bepaalde taken tot een goed einde te brengen. Hoe hoger het gevoel van self-efficacy, hoe groter de motivatie om iets te gaan doen. Ook self-efficacy heeft dus te maken met houding, kennis en vaardigheden, maar ook met hoe je over jezelf denkt.

Uit onderzoek is ondertussen wel bekend hoe je de self-efficacy van iemand kan verhogen: door het opdoen van succeservaringen, het stimuleren van mensen door ze goede voorbeelden te geven, het beginnen met werken aan deelvaardigheden en dit via oefenen uitbouwen tot een complexer geheel om tot slot het geleerde in de praktijk te brengen. En daarbij moet aandacht besteed worden aan het ontwikkelen van een positieve attitude en het gepercipieerde kennisniveau. Dus toch weer de combinatie houding-kennis. En veel oefenen in de praktijk. Is dat dan het antwoord? Oefenen en ervaring opdoen? Ja, ik denk het wel. Maar... hoe krijg je mensen aan het oefenen? ...

vrijdag 10 december 2010

Excursie Microsoft (5)

Het zit er op.. de presentaties zijn geweest, de expert heeft er positief op gereageerd en wij zijn moe.. Moe van de lange dag, maar ook omdat we vandaag erg veel gezien en gehoord hebben. Zoveel dat we misschien wel wat meer tijd nodig hebben om alles te laten bezinken en om verder na te denken over wat we hier allemaal mee zouden willen doen. Gelukkig zijn alle deelnemers lid geworden van het Innovative Teachers Network en daar kunnen we alle informatie nog eens teruglezen. Microsoft, Henk Lamers, Hans Pronk, hartelijk dank dat we een dagje mochten komen kijken!

Excursie Microsoft (4)

15.15 uur: tijd voor de opdracht! Na het verhaal van Eduard een korte pauze en nu zelf aan de slag. We moeten zelf met een ontwerp komen, waarbij we laten zien dat we alles wat we vandaag hebben gezien combineren met wat we al weten uit eigen ervaring en uit de opleiding. In groepjes van 4 moet een onderwijsidee bedacht worden waarbij technologie gebruikt wordt. Er wordt expliciet aangegeven dat we eerst out of the box moeten denken (brainstormen). Daaruit moet er een idee gekozen worden die verder uitgewerkt wordt en die daarna gepresenteerd moet worden aan de rest van de groep EN aan een expert op afstand, in dit geval Erik Bolhuis van Windesheim. Erik zal meeluisteren naar de presentatie en reflecteren op de ideeen.

...
15.30 uur: aan de slag! De groepjes zijn aan het discussieren over digiborden, augmented reality, leerlingen, buiten rondlopen, games, hamburgers (???) ..
...

16.15 uur: de presentaties! Alle groepjes hebben presentaties gemaakt en Erik Bolhuis komt live op het scherm.

De eerste presentatie gaat over "van koe tot burger" (ah! de hamburger!). Het idee is dat leerlingen op zoek gaan naar de herkomst van de producten die in een hamburger zitten. Leerlingen moeten gaan zoeken op internet, in een atlas en krijgen een 3d weergave van een koe en zijn op die manier bezig met aardrijkskunde, NLT en economie. Erik vindt het geweldig en ziet het al helemaal voor zich. Erik vraagt zich wel af of de leerlingen met zo'n open opdracht om kunnen gaan en of ze de waarde van de gevonden informatie kunnen beoordelen. Volgens het groepje speelt de docent daar een rol in en wordt het geheel ook vormgegeven in een soort webquest.

De tweede presentatie gaat over "de virtuele leeromgeving". Het idee is een beetje afgekeken van de Sims of Habbo hotel. Er zijn een aantal ruimtes en leerlingen maken een eigen karakter aan. Het groepje heeft bedacht dat er in elke ruimte een andere opdracht is om uit te voeren, waarbij de opdrachten projectopdrachten zijn en vakoverstijgend zijn. Bevindingen kunnen met elkaar gedeeld worden en op die manier kunnen de leerlingen elkaar coachen. Leerkrachten maken de odprachten en zijn daarna coach van de leerling. Leerlingen kunnen binnen de omgeving ook nog zelf keuzes maken voor specifieke ict-toepassingen, zoals OneNote. Ook dit idee vindt Erik interessant, met name omdat leerlingen met elkaar kunnen samenwerken en op die manier de klassenstructuur te onderbreken. Leerlingen kunnen dan op hun eigen tempo de opdrachten voltooien.

De derde presentatie gaat over "augmented reality". De eerstejaars studenten zijn bezig met een project voor het vak Atelier 1, waarbij zij een website maken over duurzaamheid. Deze presentatie bouwt hierop verder. Op het gebied van economie, ecologie/biologie en natuurkunde gaan leerlingen aan de slag. Met de combinatie van een 3d weergave van een bouwval en augmented reality kunnen er virtuele lagen toegevoegd worden en kunnen de leerlingen aangeven hoe je van het bouwval een duurzaam gebouw kan maken. Erik vindt het interessant, maar vraagt zich af waarom je niet met een animatie aan de slag gaat. Volgens het groepje is het van belang dat je zo dicht mogelijk bij de realiteit blijft en door de leerlingen zelf de 3d weergave te laten maken van het bouwval creeeren ze hun eigen omgeving.

De vierde presentatie gaat over de verantwoordelijkheid van de leerlingen met het idee van leerling-gecentreerd onderwijs in gedachte. Het groepje heeft dit gekoppeld aan duurzaamheid, iets wat leeft bij veel leerlingen. De docent legt een stukje theorie uit (mbv digibord), waarna de leerlingen zelf aan de slag gaan om meer informatie gaat zoeken (internet, YouTube, etc.) en maken een presentatie over het onderwerp. Erik geeft aan dat je leerlingen inderdaad goed kan laten zoeken en doordat ze het presenteren ze ook direct hun eigen leerresultaat ziet.

De vijfde presentatie gaat over "volgsysteem 2.0". Dit idee gaat over het spelen van spelletjes door leerlingen waardoor ze ontdekken wat zij leuke beroepen vinden. Door middel van de interesses van de leerlingen kan de docent aangeven welke richting de leerling op zou kunnen. Dit gebeurt via de Surface Table. Zowel de docent als de leerlingen hebben een kaartje met chip en kunnen zo inloggen en gegevens toevoegen aan een leerling. Je zou er daarnaast ook voor kunnen kiezen om bepaalde gegevens ook beschikbaar te maken voor de ouders. Erik zegt dat je zo inderdaad goed kan inspelen op de behoefte van de leerlingen en vraagt waar je dit kan inzetten. Het groepje geeft aan dat het bijvoorbeeld een rol kan spelen bij studiekeuze op het VO. Goed idee!

Excursie Microsoft (3)

Na de lunchpauze geeft Eduard Beck (Microsoft) een presentatie. Voor een groot deel gaat zijn verhaal (volgens mij) over het nieuwe leren, over informeel leren, over vraaggestuurd leren. En dat koppelt hij aan verschillende Microsoft toepassingen. Eduard presenteert vol overgave en heeft interessante ideeen over de manier waarop het onderwijs ingericht zou moeten worden.

Toch zijn er een aantal momenten waarop de studenten naar mij kijken en moeten lachen.. waarom? Eduard zegt dat we het niet moeten hebben over serious gaming, maar dat we games serious moeten nemen. En dat terwijl ik grote fan ben van serious game Taaltreffers natuurlijk.. Binnenkort verschijnt Taaltreffers 2, een online serious game om de woordenschat van leerlingen in de bovenbouw van het basisonderwijs te vergroten. En Taaltreffers werkt.. ik geloof in serious games (vandaar het gelach). En dan zegt Eduard dat ie een Bling-mens is en geen Google-mens. En ik zit op dit moment te bloggen met blogger.. ingelogd met m'n gmail-account.. Google dus.. en dat weten de studenten (vandaar dus weer het gelach).

En dan zegt Eduard dat we meer moeten doen met mobiele telefoons in het onderwijs. Weer wordt er naar mij en m'n mobiel gekeken. Geen gelach deze keer. Want, is de vraag, hebben kinderen wel mobiele telefoons waar je wat mee kan doen in het onderwijs? Hebben ze wel smart phones? Volgens Eduard wel. Zou mooi zijn, maar ik weet in ieder geval van mijn eerste (en oudere?) jaars studenten lang niet allemaal de beschikking hebben over zo'n apparaat. Lopen zij al achter bij leerlingen in het basis- of voortgezet onderwijs? Zou kunnen, maar ik betwijfel het.

Het lijkt misschien alsof ik het niet eens ben met het verhaal van Eduard, maar de kern van zijn verhaal is dat we meer leerling/student-gestuurd bezig moeten zijn en dat we de juiste technologie moeten kiezen om dat te ondersteunen. En daar kan ik het natuurlijk alleen maar mee eens zijn!

Excursie Microsoft (2)

Tijdens het tweede deel van onze excursie bij Microsoft kregen we een rondleiding langs allerlei technologische snufjes. Ik zal hier niet alles beschrijven, maar op hoofdlijnen zagen we toepassingen die gebruikt kunnen worden in het kader van onderwijs, gezondheidszorg, of een combinatie van die twee. En natuurlijk de "leuke dingetjes" die je ook thuis zou kunnen doen (en misschien was dat stiekem ook wel onderwijs..).

Het eerste waar we zelf mee mochten spelen was de Surface Table. Te gebruiken voor spelletjes, foto's kijken en andere toepassingen die ons wel bekend zijn. Ondanks die bekendheid was het leuk om er nou eindelijk zelf eens aan te mogen zitten. We speelden een simpel spelletje en de hele groep kon meedoen. De boodschap was duidelijk: samenwerken wordt makkelijk en intuitief gemaakt. Uitleg was niet nodig. En samenwerking was ook nodig, want hoe sneller het puzzeltje was opgelost, hoe meer punten er te verdienen waren.

Een stukje verderop zagen we allerlei hard- en software die het mogelijk maakt voor mensen met een handicap om "gewoon" de computer te gebruiken.
Een toetsenbord voor 1 hand, een muis voor mensen met Parkinson en software die jouw gezicht herkend waarna je het beeldscherm kan bedienen met je ogen. Zulke concrete dingen die je vast kunt pakken spreken direct tot de verbeelding, je kunt er ook meteen een toepassing voor bedenken.

Daarna zagen we nog voorbeelden van computergebruik in de klas, waaronder tafels waar je een computerscherm uit kon halen die allemaal verbonden waren met 1 computer, maar waar je wel allemaal apart op kon inloggen, een mobiel computerlokaal (rijdende kast met 1 laptop en beamer er bovenop en 20 laptops er in die je aan leerlingen kan uitdelen) en natuurlijk het digibord. Tot slot mocht er gespeeld worden met de Kinect. Een soort van Wii maar dan zonder controllers, je gaat er voor staan, beweegt en op het scherm gebeurt er van alles.

Ik ben misschien wat kort over alles wat we gezien hebben. Niet omdat het niet interessant was, maar zelf vond ik het niet echt super vernieuwend. Wel leuk en zeker interessant en nog leuker dat je er zelf eens aan mag zitten met je vingers. Maar nieuw? En daar vergiste ik me een beetje. Voor mij was het misschien niet vernieuwend, een aantal studenten ging tijdens de lunch die volgde in discussie over wat ze hadden gezien, gaven aan dat ze een heel aantal dingen nog nooit gezien hadden en bedachten spontaan manieren hoe je dit in het onderwijs zou kunnen inzetten. Mooi! Dat is natuurlijk het doel van deze excursie.

Vanmiddag krijgen we ook de opdracht om na te denken over mogelijke toepassingen in het onderwijs. Ik ben heel benieuwd waar de studenten mee gaan komen en kijk daar nu al naar uit!



Excursie Microsoft

Vandaag ben ik met 18 studenten van de opleiding Onderwijskunde en met mijn collega Marco Zocca van SLO te gast bij Microsoft in Brussel. We krijgen hier een Masterclass met de titel "your seat at the table". Vandaag gaan we de allernieuwste technologische snufjes zien en... zelf mee spelen. We vertrokken vanmorgen om 5 uur (...) uit Enschede en werden om kwart voor 10 (...) heerlijk ontvangen met koffie, thee en verse croissantjes.
En terwijl we wachten tot iedereen er is kunnen we al wat spelen met een Surface Table! Als iedereen er is is het tijd om nieuwe technologieen te bekijken. De groep is opgesplitst. Een deel gaat rondkijken en "spelen" en het andere deel waar ik nu bij zit krijgt een presentatie van Hans Pronk (Inholland) en Henk Lamers (Microsoft) over o.a. visueel manipuleren. Uiteraard zien we een aantal Microsoft toepassingen, zoals AutoCollage, Photosynth en WorldWide Telescope. Een mooi begin van de ochtend!

woensdag 3 november 2010

Goed onderwijs met of zonder ict

Larry Cuban blogte vorige week over technologie in het onderwijs. De titel van zijn bericht is High Performing Teachers with Low-Tech Classrooms. Hij verwijst daarbij naar het artikel Brilliance in a box van Amanda Ripley in Slate Magazine. Daarin schrijft Amanda "Classrooms in countries with the highest-performing students contain very little tech wizardry, generally speaking. They look, in fact, a lot like American ones—circa 1989 or 1959. Children sit at rows of desks, staring up at a teacher who stands in front of a well-worn chalkboard."

Op basis van het beschreven onderzoek wordt door beide auteurs geconcludeerd dat zowel low-tech en high-tech toepassingen ingezet kunnen worden om het leerproces van de leerling/student te ondersteunen, maar dat de keuze voor een bepaalde technologie af moet hangen van de doelen van de les, de kennis over het onderwerp, de manier waarop je les wilt geven en last but not least de wil om de technologie te gebruiken. Larry Cuban eindigt zijn bericht met "So I end by repeating what has become a cliche but needs to be said again and again: Good teaching is not about access to and use of high-tech machines, it is about teacher knowing their subjects, establishing rapport with students, and prodding and supporting them to learn.".

En ja, dit moet elke keer opnieuw gezegd worden. En het lijkt misschien een cliche, maar dat is het niet. Wel denk ik dat "good teaching" een combinatie is van kennis over je vak, kennis over je doelgroep, kennis over hoe je je vak moet overbrengen aan je doelgroep en kennis over hoe je dat allemaal zo goed mogelijk kan ondersteunen met behulp van technologie (TPACK dus!). En de ene keer zal dat "gewoon" een boek of een powerpoint presentatie zijn en een andere keer een digibord, smartphone, simulatie, game of iets anders nog geavanceerder zijn!

maandag 1 november 2010

Creativiteit?

Sinds ik samen met studenten bezig ben met het TPACK model ben ik er steeds meer van overtuigd dat het niet alleen gaat om ict in het onderwijs, maar creatief gebruik van ict in het onderwijs. het "standaard" gebruiken van ict is zeker nuttig en ondersteunend, maar zouden we niet moeten zoeken naar andere manieren van presenteren en visualiseren om er voor te zorgen dat je een goede leeromgeving voor studenten biedt?
Vanmorgen kwam ik via de blog van "Is het nu generatie X, Y of Einstein?" op onderstaand filmpje. Niet inhoudelijk (en helaas niet zo'n beste geluidskwaliteit), maar wel creatief presenteren!

donderdag 21 oktober 2010

ISSOTL2010: Technology-Supported Reflection in Kuwait

This morning I presented Abdullah Almodaires' work that he carried out during his PhD study. Abdullah's study was about Technology-Supported Reflection in Kuwait. He implemented a new way of supporting field training activities for prospective primary school teachers. A big challenge.. not only did he propose to use a new pedagogical approach, he also introduced new technology to support this. In order to reduce the gap between what students theoretically learn at the university and what they have to do in the schools when they are teaching he did an experiment in which he introduced the reflective practice approach and supported this with an online video-based learning environment. If you are interested in this you can read his dissertation and/or look at the presentation of this morning:

donderdag 16 september 2010

Onderzoek TPACK bij video-integratie in het basisonderwijs

Deze week verscheen het afstudeerartikel "LIVE. De potentie van videoberichten in de bovenbouw van het basisonderwijs en de TPACK van docenten" van Maaike Heitink (Onderwijskunde, Universiteit Twente) dat ik samen met mijn collega Susan McKenney begeleid heb. In het artikel wordt een onderzoek beschreven dat in 3 groepen 7 van het basisonderwijs is uitgevoerd rondom de implementatie van videoactiviteiten in het onderwijs.

Tijdens LIVE (Language Instruction through Video-making Experiences) maakten de leerlingen zelf een videobericht over een bepaald onderwerp. Op basis van dat onderwerp moeten zij informatie verzamelen, een verhaal bedenken, deze vertalen naar een videoscript om vervolgens op basis daarvan de video op te nemen en uiteindelijk te monteren. Tijdens het maken van het videoscript en het monteren van de video moesten de leerlingen beelden selecteren en ordenen om tot een kernachtig, goed lopend verhaal te komen. De leerlingen werkten op die manier aan zowel taal-en communicatievaardigheden als aan vakinhoudelijke kennis (want zonder die kennis kun je natuurlijk geen goede video maken).

Tijdens het onderzoek is nagegaan wat de leerlingen hiervan vonden (leuk) en of ze iets geleerd hadden (ja), maar de grootste nadruk lig op de ervaringen van de docenten en de vraag of zij gebruik maakten van Technological Pedagogical Content Knowledge (TPACK) en gerelateerde competenties om de videoactiviteiten op een effectieve manier in het onderwijs te implementeren.

Uit de resultaten van het onderzoek van Maaike blijkt dat de docenten enthousiast zijn over het niveau van de eindproducten en het enthousiasme van de leerlingen. Het toepassen van TPACK is echter niet voor alle docenten vanzelfsprekend. Verschillen tussen de docenten zitten vooral in het toepassen van Technological Pedagogical Knowledge (TPK), het op een didactische manier organiseren van het leerproces rondom video. Het ging hierbij met name om de moeilijkheid van het geven van gerichte feedback op bijvoorbeeld de videoscripts met betrekking tot cameragebruik (en op welke manier hiermee verschillende effecten bereikt kunnen worden) en om het aannemen van een coachende rol zodat het leerproces rondom het maken van video opgang komt en blijft.

Maaike geeft in haar artikel aan dat het opvallend is dat alle docenten aangeven dat ze de videoactiviteiten goed binnen het curriculum vinden passen. Tot nu toe concluderen de meeste studies over het implementeren van nieuw curriculummateriaal in het onderwijs namelijk dat docenten het tegenovergestelde vinden. Een mogelijke reden die Maaike hiervoor geeft is dat de docenten in dit onderzoek zelf mochten kiezen waaraan de videoactiviteiten gekoppeld werden, waardoor de docent zelf kon bepalen welke bestaande onderdelen van het lesprogramma vervangen konden worden door de videoactiviteiten.

Uit het onderzoek blijkt verder dat door het integreren van de videoactiviteiten in het onderwijs de TPACK van docenten gestegen is. Dit kan verklaard worden uit het feit dat de docenten actief bezig zijn geweest binnen dit project en omdat zij achteraf gevraagd werd om een eigen reflectie op het hele proces te geven.

Al met al een zeer interessant onderzoek waar we zeker mee verder gaan!

vrijdag 10 september 2010

Twente's got Talent!

Twente's got Talent: wetenschap, techniek en ict in het basisonderwijs

Eind vorig jaar ging het project Twente's got Talent van start op basis van de subsidieregeling Programma ICT diensteninnovatie van de Provincie Overijssel. Twente's got Talent beoogt "de regionale onderwijskennisinfrastructuur –van basis- tot en met wetenschappelijk onderwijs– te versterken door in te zetten op betere benutting van het al aanwezige kennispotentieel via de inzet van nieuwe ICT-diensten". Oftewel... samenwerken met ict om ict-integratie in het onderwijs verder voor elkaar te krijgen. Daarbij wordt binnen Twente's got Talent ingezet op het verbeteren van de aansluiting PO-VO en VO-HO op het gebied van onderwijs in de bètavakken.

Het projectvoorstel rondom de aansluiting VO-HO op het gebied van de vakken Wiskunde-D en Informatica was al gehonoreerd en per 1 september is het deelproject rondom de aansluiting PO-VO gestart. Binnen dit deelproject gaan we modules ontwikkelen met en door docentontwikkelteams op het gebied van wetenschap en techniek voor de bovenbouw van het basisonderwijs met materiaal dat onder andere geschikt is voor digiborden. Daarnaast wordt er in het project een “overgangscurriculum” wetenschap en techniek ontwikkeld in een samenwerkingsverband van po- en vo-scholen.

Het deelproject levert dus digitaal materiaal op dat in ieder geval geschikt is voor digiborden (maar wellicht breder) en een voorwaarde voor deelname is dat de school bereid is om het ontwikkelde materiaal weer te delen met andere scholen. Er zijn al een aantal scholen die meedoen, maar er is nog plek voor een aantal extra basisscholen, dus.... laat wat horen als je interesse hebt!

vrijdag 27 augustus 2010

Website: Zee in zicht!

Een paar jaar terug was ik op Texel en bezocht daar ook Ecomare. En als je daar die zeehondjes ziet.. dan adopteer je er een! En dan wordt je ook automatisch lid van de nieuwsbrief. Ik ontving net de laatste editie en daarin stond een link naar een hele mooie website die ik nog niet kende: zeeinzicht.nl. Deze site is gemaakt door medewerkers van Ecomare en bevat veel informatie over de Noordzee, de Waddenzee en de Schelde. Je ziet allerlei dieren (in de zee en in de lucht) en als je er met je muis overheen gaat hoor je het bijbehorende geluid, kan je korte informatie krijgen over het dier en kan je eventueel verder klikken naar uitgebreidere informatie. Mooi!